Biografie van Marga Minco
Geboren in 1920.
Marga Minco (schuilnaam) wordt op 31 maart 1920 als Sara Minco in Ginneken geboren in een joods gezin. Al snel laat ze zich in Sara Selma noemen. Na haar schooljaren treedt ze in 1938 in dienst van de Bredasche Courant als verslaggeefster. Daar werkt ze tot het moment dat de directie verplicht wordt joodse personeelsleden te ontslaan. In deze tijd ontmoet ze de journalist en auteur Bert Voeten, waarmee ze later zal trouwen.
In het begin van de oorlog verblijft ze in Assen, Delft en Amsterdam. Ze krijgt een lichte vorm van tbc (ziekte aan je longen) en belandt in ziekenhuizen in Utrecht en Amersfoort. In het najaar van 1942 komt ze terug in Amsterdam bij haar ouders die inmiddels in het zogenaamde ?Judenviertel? wonen.
Dan komt de dramatische gebeurtenis die haar leven ingrijpend verandert: haar ouders worden opgepakt, zelf heeft ze de kans te ontkomen. Ze verblijft de rest van de oorlog op onderduikadressen en woont, voorzien van geblondeerd haar en een nieuwe naam (Marga Faes, de voornaam houdt ze aan), vanaf de zomer van 1944 met Bert Voeten in Amsterdam. Ze is de enige van haar familie die de oorlog overleeft; haar ouders, broer en zus worden door de Duitsers dedood.
Na de oorlog trouwt ze met Bert Voeten en werkt Minco voor een aantal kranten en tijdschriften (onder meer het satirische blad Mandril). Vlak voor de herdenkingsdagen van mei 1957 wordt ?Het bittere kruid? gepubliceerd, de roman waarin ze haar eigen ervaringen tijdens de oorlog beschrijft, al is de hoofdpersoon in het boek tien jaar jonger dan zij destijds was. Het boek maakt veel indruk, vooral door de sobere (=niet vrolijke) stijl. Steeds voelbaarder worden voor de jonge hoofdpersoon en haar familie de anti-joodse maat regelen van de Duitsers.
De sobere stijl was typerend voor Minco?s manier van schrijven, het was vooral haar streven, en dat bereikte zij door eindeloos te schrappen. Aan Jan Brokken vertelde zij in 1979: ?Over een dramatische gebeurtenis moet je sober schrijven, anders wordt het melodrama. Ze wilde zoveel mogelijk informatie geven in een klein stukje.
Haar voornaamste thema?s zijn oorlog, verdriet enz. Dit komt vooral omdat zij zo goed kan schrijven over oorlog omdat ze die zelf heeft meegemaakt. Dit wil ze dan ook zo goed schrijven, ze wil laten zien hoe het toen was.
In 1959 verscheen de verhalenbundel De andere kant, waarmee Minco zichzelf en haar lezers wilde bewijzen dat ze ook over iets anders dan haar persoonlijke oorlogsdrama kon schrijven. Uit de verhalen spreekt een weinig optimistische kijk op het leven, dat altijd maar weer onverdiende, rake klappen uitdeelt.
Het Bittere Kruid is verfilmd in 1985. Marga Minco is het alleen niet eens met de vefilming.
Ze schrijft ook korte verhalen en kinderboeken, zoals: Kijk eens in de la uit 1963 en De verdwenen bladzij uit 1994. Ze krijgt in 1957 de Multatuli-prijs voor het verhaal ?Het adres? en in 1958 ontvangt ze de vijverbergprijs voor: ?Het Bittere Kruid?.
In december 1992 overleed haar echtgenoot, Bert Voeten. Sindsdien deelt ze het huis met haar oudste dochter Bettie.
Bibliografie van Marga Minco
14 titels van Minco, Marga
| Het adres | 2 |
| De andere kant : verhalen | 1 |
| Het bittere kruid : een kleine kroniek | 86 |
| Het bittere kruid ; De glazen brug | |
| De glazen brug | 9 |
| Het huis hiernaast | 1 |
| Een leeg huis : roman | 12 |
| Meneer Frits : en andere verhalen uit de vijftiger jaren | |
| Nagelaten dagen | 7 |
| De val | 72 |
| De val ; De glazen brug | |
| Van geluk spreken | |
| De verdwenen bladzij en andere kinderverhalen | |
| Verzamelde verhalen 1951-1981 |



