Adverteren via Roadside
LoginnaamWachtwoord
Japan : culturele ontwikkeling in het land van de rijzende zon
Geplaatst op Zaterdag 04 augustus 2001


Voorwoord
Een goed scriptieonderwerp vinden is geen gemakkelijk karwei. Na een paar mislukte probeersels ben ik begonnen met een onderwerp wat mij persoonlijk altijd heeft geïnteresseerd, het oude Japan. Met dit bedoel ik Japan in de tijd van de shogun en samurai. Op school heb ik tijdens de geschiedenislessen nooit wat geleerd over deze tijd, daarom wist ik er vrijwel niks vanaf.
Na het zien van een paar documentaires op televisie, op het Discovery-channel, ben ik mij gaan oriënteren. Ik ben naar de bibliotheek in Oud-Beijerland gegaan en ben daar op zoek gegaan naar boeken over Japan en in het bijzonder over hun kunst. In de bibliotheek heb ik zes boeken gevonden die met mijn onderwerp te maken hadden.
Twee van deze zes boeken gingen over de samurai, één hiervan was een catalogus van een tentoonstelling van het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden gehouden vanaf 5 november 1983 tot 29 februari 1984. De andere was een overzicht in woord en beeld van de geschiedenis en de leefwijze van de Japanse ridderklasse.
In de overige vier boeken gaf men een beeld van Japan uit de verschillende tijdsperioden in de geschiedenis en met behulp van deze boeken heb ik een overzicht gemaakt van de verschillende perioden in de Japanse geschiedenis. Ook heb ik het internet gebruikt om mijn scriptie gestalte te geven. Van verschillende pagina's op het net heb ik illustraties gehaald om in mijn scriptie te verwerken. Ook heb ik informatie gehaald van bepaalde internetpagina's die vermeld zijn in de sectie literatuur.
Als laatste informatiemiddel ben ik naar het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden gegaan waar ik heb rondgekeken en verschillende overblijfselen gezien heb. Ook heb ik in het rijksmuseum inlichtingen ingewonnen over de juistheid van de jaartallen die ik in deze scriptie gebruik. Ten slotte heb ik daar nog een boek gekocht over de kunstschatten in de Edo-periode waar ik enkele voorbeelden uit gebruikt heb.


§ I. Inleiding
De geschiedenis van Japan is gekenmerkt als gewelddadig, gedurende de verschillende perioden zijn er veel oorlogen gevoerd als gevolg van machtsstrijden. Temidden van al deze vernietigingsdrang is het wonderlijk dat Japan toch een cultuur heeft die nergens ter wereld zijn gelijke telt. De godsdienst en kunsten zijn voor de Japanners van groot belang, maar waarom is de Japanse cultuur zo anders dan alle andere? Wanneer zijn al die prachtige kunstwerken gemaakt? In deze scriptie geef ik een overzicht van de verschillende perioden in Japan waarin de samenleving wordt beschreven zowel als de schilderijen, gebouwen, boeken die toen geschreven zijn. In de eerste paragraaf na deze inleiding staat de scheppingsmythe volgens de Japanners die weergeeft hoe de eerste Japanners dachten over de goden en hun verplichtingen tot deze goden. Daarna worden de verschillende perioden in Japan beschreven met hun specifieke kenmerken qua literatuur en kunst. Als laatste geef ik in paragraaf twaalf een conclusie waarin de antwoorden op mijn vragen worden gegeven. Ter afsluiting geven paragraven dertien en veertien respectievelijk de gebruikte literatuur en de noten weer.

Topografische kaart van Japan voor begrip van de scriptie

§ II. De Schepping van de wereld 1
Zoals elke cultuur heeft ook de Japanse een mythe over de schepping van de wereld. Deze mythe komt voort uit het shintogeloof (de manier van de goden) dat beoefend werd door de Ainu.

Toen de hemel en aarde zichzelf hadden gevormd kwamen er goden. Isanagi en Isanami waren de belangrijkste van allemaal, deze broer en zus daalden neer uit de hemel en schiepen een eiland in de zee waarop ze trouwden. Uit dit huwelijk werden de andere Japanse eilanden geboren. Uiteindelijk ging Isanami dood en liet zij Isanagi alleen achter. Deze was eenzaam en waste zichzelf, hieruit voltrok een wonder, hij baarde drie goden. De zon, de maan en de storm. De zon was een aardige godin genaamd Amaterasu, de storm was een kwade god genaamd Susanowono die zijn zus constant kwelde. Op een dag werd Amaterasu zo bang dat ze in een grot vluchtte waardoor de zon niet meer scheen. Hierdoor beslisten de andere goden dat er iets gedaan moest worden. Voor de grot zetten zij een boom, in de top hingen zij een juweel en een spiegel op halverhoogte, die dus net voor de opening hing. De godinnen werden opgedragen een dans uit te voeren waar de mensen naar mochten kijken, die brulden van het lachen. Amaterasu werd nieuwsgierig en kwam kijken, ze zag zichzelf in de spiegel en kwam weer uit de grot. Nu grepen de andere goden haar en verboden haar zich ooit nog eens te verstoppen. Susanowono werd vanwege zijn slechte daden verbannen naar het 'land van de duisternis' waar hij nog vele avonturen beleefde en ook nog enige nuttige dingen deed. Hij doodde onder meer een draak met acht staarten. Een van die staarten bleek een zwaard te zijn. Zo ontstonden de drie regalia van de keizer: het juweel, de spiegel en het zwaard. Susanowono verwekte ook de eerste Japanners die aan de zuidwestelijke kust van Honshu gingen wonen. De zonnegoding Amaterasu had een kleinzoon, de god Ninigi-no-mikoto, die over Japan regeerde. Zijn kleinzoon werd later de eerste keizer van het land, deze Jimmu Tenno en stichtte de eerste hoofdstad van Japan in het Yamato-gebied. Hij is de stamvader van alle Japanse keizers.

Dit verhaal is gedurende eeuwen mondeling overgebracht. Het stelt de strijd tussen de zomer en de winter voor, die zo belangrijk is voor de landbouw. Als de zon verdween zullen de boeren met behulp van allerlei rituelen hebben geprobeerd om haar weer terug te krijgen. Hierin wordt duidelijk dat de belangrijkste god voor de eerste Japanners de zonnegodin was, wat logisch is voor hun agrarische levensstijl.

§ III. De Prehistorie
Na de 2e Wereldoorlog zijn de eerste vondsten gedaan van een paleolithische cultuur in Japan. Ondanks deze ontdekkingen is er echter nog weinig bekent geworden over de dateringen. De vondsten van de Gongenyama II -cultuur (Midden-Paleolithicum) zouden uit omstreeks 50000 v.Chr. stammen. De vondsten van de Gongenyama I -cultuur zouden echter vele millenia ouder zijn.
In circa 7500 v.Chr. begint in Japan het Neolithicum dat de Jomon-periode (7500 v.Chr. - 300 v.Chr.) heet, genoemd naar het type aardewerk uit die tijd wat versierd is met touwafdrukken. Ook uit deze periode stammen de figuren van klei, dogu genoemd. De mensen die in deze periode leefden waren voornamelijk jagers en verzamelaars.

§ IV. De Protohistorie
Rond het jaar 500 v.Chr. was er op de Japanse eilanden, in tegenstelling tot de bloeiende Chinese cultuur, nog geen sprake van beschaving. Er waren alleen nog maar barbarische stammen die daar al duizenden jaren verbleven. Waar deze stammen vandaan kwamen is nog steeds een raadsel, wel is zeker dat de Japanners niet van deze oorspronkelijke inwoners afstammen maar van de Mongolen.
Een andere oude stam, de Ainu 2, was een volk dat leefde in het stenen tijdperk en bestond van jacht en visserij. Dit volk aanbad de beer en was in tegenstelling tot de moderne Japanners opmerkelijk behaard. De afstammelingen van deze stam leven op het eiland Hokkaido. De Ainu hebben hun sporen nagelaten in de Japanse cultuur. De religie en de taal zijn meegenomen door latere volkeren. Het shintogeloof is uit het geloof van de Ainu voortgekomen. Dit volk heeft gedurende de Japanse geschiedenis meerdere malen voor onrust gezorgd door oorlogen te voeren met de machthebbers van het moment. De Ainu was een vreemd volk dat niks overeen had met de andere inwoners van Japan, ze waren waarschijnlijk de primitieve afstammelingen van het blanke ras. Dus rond deze tijd leefden er in Japan twee verschillende volken die niks met elkaar te maken had qua ras.
Gedurende de 1e en 2e eeuw v.Chr. staken verscheidene Mongoolse immigranten de Straat van Korea over om zich in Japan te vestigen. Ze namen veel kennis met zich mee zoals het verbouwen van rijst, het smelten van ijzer en het smeden van gereedschap en wapens. De Mongolen vermengden zich met de oorspronkelijke bevolking en namen hun taal en gewoonten over. De nakomelingen van deze menging vereerden de natuur zoals vele boeren in vroegere tijden. Deze beschaving staat bekent als de Yayoi, naar het gebied waar de eerste overblijfselen zijn gevonden. Naast het verbeterde pottenbakken staat de Yayoi-periode (300 v.Chr. - 300 n. Chr.) bekent om zijn bronzen kunstwerken, dotaku genoemd. Deze zijn waarschijnlijk gestolen van Koreaanse muziekinstrumenten zoals de koto, die ingevoerd werden en dienden als symbool van macht.
Omstreeks 250 n.Chr. werd het eilandenrijk van Japan overvallen door Mongoolse ruiters. Deze woestelingen hadden betere wapens dan de Japanners en droegen ijzeren uitrusting. Na enige tijd waren deze krijgslustige ruiters gevestigd als de Japanse aristocratie, die onderling als groeperingen oorlog voerden om de absolute macht.

De Kofun- of Tumulus-periode (300 - 500) is genoemd naar de graftombes, haniwa, van klei die de stamhoofden lieten bouwen. Deze tombes werden volgestopt met wapens en andere snuisterijen die uit Korea zijn gekomen tezamen met de Mongolen een tijd eerder. De graven werden versierd met afbeeldingen van mensen en dieren.

§ V. De Asuka- en Hakuno-perioden (538/552 - 710)
De keizer van Japan werd door het volk verheven tot god 3, hij was de absolute heerser en bovendien hogepriester van de zonnegodin, die de allerhoogste godheid was. De keizers heersten over de boeren, die verdeeld waren in clans of uji. Iedere clan had zijn eigen beschermgod, die tegelijkertijd de stamvader was. Deze beschermgoden waren echter aanzienlijk minder belangrijker dan de zonnegodin. De keizers in het oude Japan hadden echter maar één vereiste om keizer te worden, hij moest van goddelijke afkomst komen, dit betekende dat alleen het stamhoofd van de keizerlijke clan de heerser zou kunnen worden omdat alleen deze man nakomeling van de stamvader was. De keizerlijke clan werd bijgestaan door enkele andere dienende clans. Naast belangrijke ambtelijke posities waren er ook erfelijke posities bij de keizerlijke garde te verwerven voor de dienende clans, die zo de feitelijke macht konden krijgen en elkaar dus moesten beconcurreren. De keizer had altijd de angst dat een andere clan hem qua macht en sterkte voorbij zou streven, maar de keizer kon nooit worden afgezet en is eigenlijk altijd een marionet geweest.

De eerste familie die de macht een tijd in de hand had, was het geslacht Soga dat rond 500 de keizerlijke familie bijstond. Omdat de Soga familie niet afstamde van de Zonnegodin konden zij geen keizer voortbrengen, maar door alle belangrijke ministeries te bezetten kwam de feitelijke macht bij hen te liggen. Japan was in de tijd onder de Soga nog altijd een barbaars land. Maar de verandering kwam toen China uit de eeuwen van oorlog en chaos naar voren trad en aan een van haar briljantste tijdperken uit haar geschiedenis begon. Japan keek op tegen het goed georganiseerde China en verwelkomde alles wat Chinees was. Rond deze tijd 4 vroeg de vorst van Korea, die nauwe banden had met China, de hulp van Japan in om tegen zijn vijanden te strijden. De koning van Korea zond de Soga een bronzen Boeddhabeeld, enkele Boeddhistische geschriften en een brief waarin het Boeddhisme geprezen werd. De Soga familie werd gelijk een fanatiek aanhanger van deze godsdienst. Met het Boeddhisme hadden de Soga een wapen om hun macht tot buiten het Japanse keizerhof in Yamato uit te breiden en de inheemse priesters, die het shintogeloof aanhingen, van hun macht te ontnemen. Dit zorgde er dus voor dat het shintogeloof langzamerhand werd opgenomen door het Boeddhisme. Er werden meer en meer geleerden, architecten en kunstenaars uit China en Korea gehaald om Japan te moderniseren. Het dak en de grote hal van de tempel Horyuji in Nara is gebouwd in de stijl uit deze periode. Nadat keizer Iname en zijn zoon Umako waren afgezet was het in 593 de beurt aan prins Shokotu te regeren. Deze keizer was diep geïnspireerd door de Chinese cultuur en hij gaf Japan in 604 haar eerste grondwet. Na de dood van keizer Shokotu in 622 volgde een periode van vele burgeroorlogen waarin de Soga familie alle macht werd ontnomen.

In 645 kwam de nieuwe keizer Kotoku aan de macht, hij was afstammeling van het geslacht Fujiwara. Ondanks deze verandering van de keizerlijke familie bleef het volgen van de Chinese cultuur doorbestaan. Deze familie ging zelfs zo ver dat het de staatsvorm van China overnam. Met de Taika Hervormingen werd in Japan de keizer oppermachtig. Alle rijkdom in het land werd aan de keizer toegekend, deze verdeelde zijn land onder de boeren die weer belasting aan de kiezer moesten betalen. Deze hervormingen werden echter geleidelijk ingevoerd zodat de landheren geen verzet konden bieden. Omdat de keizer zelf niet altijd toezicht kon hebben over zijn land, werd het leenstelsel ook in Japan ingevoerd. Hierdoor kregen de edelen meer macht over de boeren en werden de Taika Hervormingen door de edelen dus verwelkomd.

§ VI. De Nara-periode (710 - 794)
In 708 kreeg Japan voor het eerst in haar geschiedenis het officiële muntstelsel, wat bestond uit koperen munten. In het begin van de 8e eeuw waren er in Japan nog geen steden, maar alleen grote dorpen. De keizer zetelde in zo'n groot dorp, maar na zijn dood moest de volgende keizer volgens het shintogeloof zich ergens anders zetelen. Maar na de Taika Hervormingen was dit niet meer zo eenvoudig, er was nu behalve de keizer ook een hele administratieve staf te verplaatsten. Dit ongemak werd in 710 opgelost toen werd besloten een hoofdstad te stichten en daarmee het gezag te centraliseren. De eerste stad en tegelijkertijd de eerste hoofdstad van Japan werd Nara, dat midden in het Yamato-gebied lag (volgens de mythen gesticht door Jimmu Tenno reeds eeuwen eerder). Deze stad werd qua bouwstijl uiteraard gekopieerd van Chinese steden, en werd al gauw het Boeddhistische, culturele en politieke centrum van Japan. Eén van de bouwwerken die dateren uit deze tijd is de tempel van Toshodaji in Nara.
Tijdens deze periode werd het schrift geïntroduceerd, een afspinsel van het Chinees, en werden de eerste boeken, die eerst mondeling werden doorverteld, opgeschreven. De Kojiki (712) is een verzameling van oude mythen en sagen. De Nihon shoki (720) is een chronologische verzameling van de Japanse geschiedenis. En de Fudoki (713) werd door ambtenaren geschreven en beschrijft de bijzonderheden per provincie. In de literatuur was de Man'yoshu (rond 759), de collectie van 10.000 bladeren, het belangrijkste werk. Het was een verzameling van 4500 verzen gemaakt door gewone mensen tot aan de keizer. Er ontstonden de eerste vormen van rijmschema's zoals tanka, een vers met 31 lettergrepen waarvan het rijmschema 5-7-5-7-7 luidt. De Kokin Wakashu was een collectie van gedichten geschreven door de keizer en bood hoop voor de verdere ontwikkeling van de literatuur. Ook ontwikkelde er een stijl van muziek in de nieuw opgerichte muziekscholen waar men de Aziatische muziek bestudeerde, de gagaku, die werd gespeeld aan het hof van de keizer. Instrumenten kwamen altijd uit China zoals de primitieve shakuhachi waarmee men de hofmuziek maakte.
In Nara kwamen al gauw de geestelijken aan veel macht, sommigen waren zelfs zo machtig dat ze naar de troon begonnen te dingen. In 784 leidde dit, doordat de toenmalige keizer Kammu de invloed van de geestelijken wilde verminderen, tot de verplaatsing van de hoofdstad naar Nagaoko.

§ VII. De Heian-periode (794 - 1185)
Echter 10 jaar later wilde dezelfde keizer weer een nieuwe hoofdstad en verhuisde met zijn staf naar Heian, het huidige Kyoto. Deze reis was te zwaar voor de geestelijken en hun invloed op het bestuur daalde. De plek van de nieuwe hoofdstad...


[ Log in of registreer gratis om dit hele document te bekijken ]





Reacties
[post reply]

Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



Laatst bekeken...
06:55  Alexander de Grote
06:55  De foto van Kustermans, Paul
06:55  Serenade van Winter, Leon de
06:55  Les jeux sont faits van Sartre, Jean-Paul
06:55  Alles op de fiets van Kopland, Rutger
06:54  Alice's adventures in Wonderland van Ca...
06:54  Vijf eigenschappen van je conditie
06:54  Emma en de naakte papegaai van Heylen, ...
06:54  Vasten en feesten - Islam
06:54  Beatrijs van Onbekend
06:54  The collector van Fowles, John
06:54  De tornado van Nijenhuis, B.
06:54  Vriend van verdienste van Rosenboom, Th...
06:53  Ontsnapt aan de galg van Reen, Ton van
06:53  Brede heupen : roman van Hemmerechts, K...


Forum Scholierennet.com
Economische vragen
BBp gegevens.
Enquete invloed media
Site Check Olympic Manager
Opdracht cultuur: help!
Spel in ontwikkeling: www.scholieren.be
Advies bij deze situatie
30/01/10 XL DJ's Christos Marcos & Jeks ...
Enquête 'Mediagebruik bij jongeren'
Programma maken dat tekening weergeeft