Adverteren via Roadside
LoginnaamWachtwoord
Windenergie
Geplaatst op Zaterdag 04 augustus 2001


Offshore de toekomst
 
Reeds begin de jaren 80 werden een aantal Multi Megawatt prototypes gebouwd in Zweden en de Verenigde Staten. Toen reeds had men ideeën om grote machines in zee te bouwen. Nu bijna 20 jaar later heeft de techniek en de schaalgrootte een niveau bereikt waarbij offshore techniek opnieuw kan bekeken worden.
Er werden reeds een paar voorzichtige pogingen ondernomen om windenergie buitengaats toe te passen.
Enkele voorbeelden zijn Tuno Knob in Denemarken en dichter bij huis het IJselmeer. Deze voorzichtige pogingen tonen duidelijk aan dat een belangrijke evolutie te verwachten is in die richting. De voordelen van windenergie op zee zijn bekend.
·  er is een beter windaanbod;
·  er stellen zich minder maatschappelijke problemen van lawaai en visuele hinder;
·  het belastingspatroon op zee is gunstiger voor de levensduur van de turbine.
Anderzijds zijn de kosten voor voornamelijk fundering en netaansluiting aanzienlijk hoger. Verbeterde technologie met nog grotere turbines en moderne funderingstechnieken moeten offshore toepassingen goedkoper maken.
Zowel in Denemarken als Nederland zijn plannen opgezet om grote windparken in zee te gaan bouwen. Denemarken heeft plannen om tegen het jaar 2030 4000 MW in zee te plaatsen. Nederland wil tegen 2002 een 100 MW offshore windpark realiseren.
 
Het plaatsen van een windturbine wat heb je nodig?
Een geschikte locatie

Een locatie moet voldoen aan verschillende criteria:
·  er moet een goed windaanbod zijn;
·  het terrein moet vergunbaar zijn;
·  het terrein moet bereikbaar zijn;
·  er moet een mogelijkheid zijn tot netkoppeling.
Voor goede locaties voor windturbines heb je open ruimte nodig en een uiteraard veel wind. De windsnelheden voor België op 10 m hoogte zijn weergegeven in de figuur. Locaal kunnen grote afwijkingen zowel in positieve zin (glooiingen) als negatieve zin (obstakels) zich voordoen.
Een voorbeeld
Middelkerke heeft een gemiddelde windsnelheid van 5,5 m/s op 10 m hoogte.
Een windmolen met een ashoogte van 50 m 'ziet' een windsnelheid van 6,7 m/s en op 80 m hoogte een windsnelheid van 7,2 m/s.
Het terrein moet vergunbaar zijn. Windturbines worden beschouwd als inrichtingen met een industrieel karakter. Momenteel komen dus alleen industrieterreinen in aanmerking voor het oprichten ervan.
Binnen de Administratie voor Ruimtelijke Ordening is een werkgroep i.v.m. de problematiek van de inplanting van grote windturbines gestart zowel de vergunningsproblematiek voor één molen als deze voor windmolenparken en de overeenstemming met de gewestplannen behoren tot de taken.
Het terrein moet bereikbaar zijn. Voor de oprichting van een moderne windturbine zijn grote kranen nodig Voor de oprichting van een 600 kW windturbine is een 400 Ton hijskraan nodig. Soms moet men hiervoor tijdelijke toegangswegen aanleggen die na de garantieperiode worden verwijderd.
Er moet een mogelijkheid zijn tot netkoppeling. Een windturbine of een windpark levert zijn stroom aan het openbare distributienet. De spanning hangt af van de locale situatie maar bedraagt gewoonlijk 10-15 kV. In bepaalde gevallen kan het net maar een bepaalde capaciteit opnemen bijvoorbeeld 3 MW. Navraag bij de locale elektriciteitsmaatschappij kan hierover uitsluitsel geven.
Het Controlecomité voor de elektriciteit en het Gas (C.C.E.G.) stipuleert in zijn aanbeveling van 8 juli 1998 dat zelfproducenten rechtstreeks aan het net mogen terugleveren tot een spanning van 15 kV.
De algemene voorwaarden voor netkoppeling zijn vastgelegd in de brochure C10/11 `Technische aansluitingsvoorschriften voor gedecentraliseerde productie installaties die in parallel werken met het distributienet' uitgegeven door de beroepsfederatie van producenten en verdelers van elektriciteit B.F.E. (zie nuttige adressen).
De Vrije Universiteit Brussel en de Organisatie voor Duurzame Energie zijn gestart met een onderzoek naar mogelijke locaties voor windturbines. Het windplan voor Vlaanderen (tekst in Engels) , 'zoals deze studie algemeen wordt genoemd' kadert in het beleidsondersteunend luik van het Vlaams Impulsprogramma Energietechnologie (VLIET). De studie omvat het opstellen van een gedetailleerde windkaart, de problematiek van het geluid, netaansluiting en een economische evaluatie van verschillende locaties.
Een tweede belangrijk aspect is een onderzoek van de ruimtelijke en milieuaspecten gekoppeld aan de implementatie van windenergie. De opdracht is gestart op 1 september 1998 en loopt over een periode van twee jaar.
brochureOffshore.htmlbrochureOffshore.htmlbrochureInhoud.htmlbrochureInhoud.htmlbrochureFinancieel.htmlbrochureFinancieel.html

Een financieel plan
In de veronderstelling dat we een geschikte locatie hebben gevonden moet een analyse gemaakt worden van de kosten en de baten van het project.
De kosten
·  Investeringskosten: Een hedendaagse windturbine kost gemiddeld 25 tot 30.000 BEF per kW nominaal vermogen zonder installatiekosten, fundering en netaansluiting.

De installatiekosten kunnen sterk varieren naargelang de locatie maar voor Vlaanderen en op stabiele ondergrond is het realistisch om hiervoor 25 à 30% te nemen van de machinekostprijs. De grootste onzekerheid hierin is de kost voor de netaansluiting.
·  Onderhoudskosten: De eerste generatie windturbines hadden hoge onderhoudskosten. Nu zijn deze sterk gereduceerd tot 1.5 à 2 % per jaar van het totale investeringsbedrag inclusief een aansprakelijkheids verzekering.
De opbrengsten
Een moderne 600 kW-turbine levert in de kuststreek, waar men een gemiddelde windsnelheid van 7 m/s op ashoogte mag veronderstellen, jaarlijks ongeveer 1.900.000 kWh.

Dankzij het verhoogde teruglevertarief van 3,1 BEF/kWh dat sinds juli 1998 van kracht is, brengt zo'n windturbine dus ongeveer 6 miljoen BEF per jaar op.
De opbrengst van windturbines bij een bepaald windaanbod en de beschikbaarheid van de turbine worden gewoonlijk gegarandeerd door de windturbinebouwer.
Dit betekent dat een moderne windturbine in de kuststreek op 5 jaar zeker terugverdiend is, nog zonder subsidies (met subsidies op ongeveer 4 jaar). Voor een standaard windturbine kan men rekenen op 20% ecologiesteun van de Vlaamse overheid voor kleine bedrijven en 10% ecologiesteun voor middelgrote en grote ondernemingen (zie verder).
Een project dat volledig gefinancierd wordt met vreemde middelen waarbij de lening afbetaald wordt over 10 jaar, maakt bij de huidige marktomstandigheden reeds winst vanaf het eerste jaar.
In het binnenland, bij ongeveer 5 m/s op ashoogte, daalt de opbrengst tot bijna 1.000.000 kWh of 3 miljoen BEF per jaar, wat nog altijd toelaat de investering terug te verdienen binnen ongeveer 8 jaar dankzij de subsidies van de Vlaamse overheid.

brochureInstallatie.htmlbrochureInstallatie.htmlbrochureInhoud.htmlbrochureInhoud.htmlbrochureSteun.htmlbrochureSteun.html

Inleiding
De inzet van hernieuwbare energiebronnen. is tot op heden in Vlaanderen relatief beperkt gebleven. Met het recente beleidsplan van de Vlaamse minister van Economie, KMO, Landbouw en Media wordt een duidelijk signaal gegeven om de toepassing van hernieuwbare energietechnologie in Vlaanderen te versterken. De doelstellingen van dit beleidsplan zijn:
·  een verdubbeling van de inzet van hernieuwbare energiebronnen tegen het jaar 2000;
·  een aandeel van 5 % van de hernieuwbare energiebronnen in het globaal energieverbruik tegen het jaar 2000.
Eén van deze hernieuwbare energiebronnen die in de ons omringende landen reeds sterk is ontwikkeld is windenergie. In Vlaanderen is tot op heden de toepassing van deze energiebron beperkt gebleven. De meest gekende installatie is ongetwijfeld het windpark in Zeebrugge dat in 1987 in gebruik werd genomen om de Vlaamse technologie te promoten. De recente verhoging van het terugbetaaltarief waardoor groene stroom opgewekt met windenergie gevaloriseerd wordt aan 3.1 BEF/kWh zal ongetwijfeld een nieuwe dynamiek opgang brengen.
De productie van elektriciteit met windmolens is dankzij diepgaand wetenschappelijk onderzoek een volwaardige en hoogtechnologische energievorm geworden. Het zuinig omspringen met energie en het maximaal benutten van hernieuwbare energiebronnen, kunnen een aanzienlijke bijdrage leveren om internationale afspraken omtrent de uitstoot van schadelijke stoffen na te komen. Deze brochure wil alvast een informatiebron zijn voor al wie interesse heeft in deze duurzame vorm van energie.

brochureInhoud.htmlbrochureInhoud.htmlbrochureEuroContext.htmlbrochureEuroContext.html

Waarom windenergie
·  Met fossiele brandstoffen moet zuinig worden omgesprongen en bovendien komen bij de verbranding ervan onvermijdelijk een aantal schadelijke producten, zoals CO2 vrij. Windenergie is een zuivere en schone energiebron die bij de productie van elektriciteit geen vervuilende stoffen in het milieu brengt.
Per kWh wordt ongeveer 0,7 kg CO2 uitstoot vermeden. Een windturbine van 500 kW nominaal vermogen spaart per jaar evenveel CO2 uit als wordt geabsorbeerd door 57.000 bomen.
De energie nodig om een windturbine te bouwen wordt door die turbine geleverd op een tijdspanne van 3 maanden bij een gemiddelde windsnelheid van 7 m/s.
·  Diversificatie van de energiebronnen. Wind is een van de weinige eigen energiebronnen. Wind is onuitputbaar en kan ons niet worden afgenomen. Daar waar in de middeleeuwen voor de wind moest betaald worden, is deze nu gratis. Het is duidelijk dat de windenergie in Europa en de Verenigde Staten een enorme impuls heeft gekend na de oliecrisis. Een toekomstig energiebeleid zal gericht zijn op diversiteit van de energiebronnen.
·  Windenergie heeft wereldwijd een enorm potentieel en heeft in een aantal ...







Reacties

Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.