De kroongetuige
Hart, Maarten 't
Geplaatst op Maandag 19 november 2001
VERKLARING: De kroongetuige heeft twee betekenissen. Allereerst de man die tegenover het laboratorium woon, meneer Sommig Mens. En ten tweede het kind, dat in het huwelijk vond de twee hoofdpersonen niet kon komen en dat volgens Nietzsche in de meeste huwelijken de ongewenste kroongetuige is. Ten slotte kan ook Leonie de kroongetuige genoemd worden. Het gaat in de roman niet zo zeer om het feit hoe de schuldige (?) zelf de beschuldiging ervaart, maar hoe met name zijn echtgenote daarop reageert. Zij is dan ook de werkelijke hoofdpersoon van het boek, de kroongetuig die niet gehoord wordt.
DE DRUK: 6e druk.
UITGEVER: De Arbeiderspers, Amsterdam 1983.
SCHRIJVER: Maarten ‘t Hart.
ACHTERGRONDEN: Maarten ‘t hart werd op 25 november 1944 geboren in Maasluis als oudste uit een gezin van drie kinderen. Hij groeide op in een streng gereformeerd milieu. Zijn vader was eerst werkzaam in de Westlandes Tuinderij en later als gemeentelijk grafmaker. Hij ging in Vlaardingen naar het Groen van Plinsterlyceum. Daarna ging hij biologie studeren aan de Rijksuniversiteit te Leiden. Later ging hij daar ook werken. In 1967 trouwde hij met Hannke van Muyzenberg. Naast verschillende weyenschappelijke werken begon hij ook romans te schrijven. Enkele voorbeelden hiervan zijn; Stenen voor een Ransuil, Een vlucht regenwulpen, Mammoet op zondag en Het vrome volk.
Ook heeft hij gewerkt voor het NRC Handelsblad, Hollands Diep, Haagse Post en Vrij Nederland.
MOTTO: Geen.
KAFT: Het boek heeft een groene kaft, waarop de titel, de schrijver en de genre zijn vermeld. Ook is er een tekening te zien van een jongen uit de vorige eeuw, waarschijnlijk aanwezig in een rechtbank.
VERDELING VAN HET BOEK: Het boek is bestaat uit vijf getitelde delen en heeft 212 bladzijden. Het eerste deel is verdeeld in 8 hoofdstukken.
THEMA: Het thema is zelfverwerkelijking en zelfrespect. De zelfverwerkelijking in een wereld die daarvoor nauwelijks ruimte laat. ( Dit met betrekking tot het kinderloze huwelijk).
MOTIEVEN:
- Spiegels. Er is meerdere malen sprake van spiegels in het boek. In het cafe waar Jenny en Thomas zitten, in de leeszaal van de bieb en boven de wastafel in Jenny’s slaapkamer.
- De wetenschap. Ook in dit boek speelt de wetenschap een belangrijke rol. Vooral de dieren en het onderzoek met en naar hen, net zoals in het boek Een vlucht regenwulpen.
- Het animamotief. De anima is een ziel en dit is een veelvoorkomend motief in dit boek. Zij neemt in dit boek bijvoorbeeld de gedaante in van een betoverend mooie vrouw, door wie de mannelijke hoofdfiguur gefascineerd wordt, maar die onbereikbaar blijft.
- Nietschze’s stellingen komen veel voor in dit boek omdat de hoofdpersoon gefascineerd is van zijn uitspraken
- Ook de muziek (klassieke muziek ) speelt een rol in het boek, omdat de twee hoofdpersonen hiet erg van houden.
PERSONEN:
- Jenny; Het ‘slachtoffer in deze roman. Zij is de persoon die op een avond verdwenen is, zonder dat iemand wist waar ze gebleven was. Thomas was de laatste die haar gezien had. Ze woonde boven de bieb waar ze ook werkte en waar zij Thomas ontmoet had.
- Thomas; Hij wordt swchuldig geacht aan de verdwijning van Jenny terwijl zijn vrouw een paar dagen de stad uit is. Hij is getrouwd met Leonie en ze hebben geen kinderen, alhoewel ze deze wel zouden willen hebben. Hij is gefascineerd van klassieke muziek en is een fan van Nietzsche. Als beroep is hij wetenschapper en werkt hij in een laboratorium, waar hij met dieren werkt.
- Leonie; Zij is de vrouw van Thomas en zij wil dolgraag kinderen. Dit houdthaar heel erg bezig. Als Thomas in de gevangenis zit doet zij er alles aan om uit te zoeken wat er werkelijk is gebeurd. Dit lukt haar uiteindelijk ook.
- Krijn Lambert; Hij is de officiele speurder in het verhaal als medewerker van de politie. Hij toont weinig medelijden met het slachtoffer.
- Meuldijk; hij is de assistent van Lambert.
- Ariane; Zij was een vriendin van Jenny en woonde naast haar. Zij wist af van de relatie die Jenny met Robert had.
RUIMTE: De plaats waar het verhaal zich afspeelt wordt niet genoemd, maar wel duidelijk is dat het een grote stad is , waarschijnlijk Amsterdam.
TIJD: De tijd die verloopt is van begin september tot eind november. Dus ongeveer drie maanden.
PERSPECTIEF: Het verhaal wordt verteld in het ik-perspectief. De ik-persoon is Thomas. Hij vertelt het eerste hoofdstuk. In het tweede hoofdstuk volgt een briefwisseling, waar ze dus allebei aan het woord zijn. En vanaf het tweede is Leonie aan het woord.
ACHTERGRONDEN VAN HET BOEK: De kroongetuige is net als vele boeken van Maarten ‘t Hart een boek waarin wetenschap, dieren, isolatie en mooie vrouwen een rol spelen.
Het boek was oorspronkelijk bedoeld als detectiveroman, maar dit is niet helemaal gelukt. Dit komt door het feit dat de schrijver de spanning aan het begin van het boek al wegneemt, door een opmerking van de ‘schuldige’ aan het begin van het boek.
Een ander kenmerk van zijn boeken is het autobiografische. De drijfveer achter de werken van deze schrijver is het streven naar bevrijding van zijn...
Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



