De val
Minco, Marga
Geplaatst op Zaterdag 24 november 2001
Bert Bakker, Amsterdam (1983)
Samenvatting
Twee monteurs van de gemeentewerken, Baltus en Verstrijen, zijn op weg naar hun werk, maar gaan eerst een kopje koffie drinken bij "De Salamander".
Frieda Borgstein wordt om halfacht gewekt, ze moet vandaag heel veel voor bereiden voor haar verjaardag van morgen, ze wordt 85 en vindt het tijd om het eindelijk weer eens te vieren omdat ze dat jaren niet meer gedaan heeft. Terwijl ze zich aankleedt, denkt ze aan haar man, Jacob, en haar twee kinderen, zij zijn in de oorlog opgepakt door de Duitsers. Het was de bedoeling dat Hein Kessels, iemand uit het verzet, de familie naar Zwitserland zou brengen. Terwijl Frieda nog een vest voor haar dochter aan het halen was, stond hij al voor de deur, samen met de Duitsers, Jacob en de kinderen werden meegenomen maar haar hadden ze vergeten. Frieda vraagt zich al sinds die tijd van alles af, waarom hebben ze haar niet meegenomen, waarom stonden de Duitsers daar, werkte Kessels voor hen? Er gaat geen dag voorbij dat ze er niet aan denkt.
Inmiddels zijn Baltus en Verstrijen aangekomen op hun werk, ze moeten werken aan de stoomputten tegenover het bejaardentehuis waar Frieda woont. Ze zetten voor het gemak geen hekjes om de open put heen.
Het bejaardentehuis maakt zich op voor een Zweedse delegatie die komt kijken naar de architectuur van het tehuis. Buiten vriest het, maar mevrouw Borgstein wil toch naar buiten, ze moet o.a. naar de bakker en naar de kapper. Iedereen zegt dat ze binnen moet blijven, maar ze blijft eigenwijs en wil toch. Ze drinkt snel haar koffie op, en ruimt haar kamer op voor het geval dat de Zweden haar kamer willen zien. Als ze eindelijk weg wilt gaan, hoort ze dat Bien Hijmans, het hoofd huishouden, waar ze het nogal goed mee kan vinden haar wil spreken. Het duurt nog een half uur voordat Bien er is. Als Frieda dan toch weggaat is het nog steeds rot weer. Als ze oversteekt ziet ze de put, ze denkt er makkelijk omheen te kunnen, maar verkijkt zich daarop en valt in de put. Baltus ziet dat en probeert haar te helpen, daarbij loopt hijzelf brandwonden op, het lukt hem niet om in z'n eentje Frieda eruit te halen. Overal komen mensen vandaan maar niemand helpt. Als de brandweer haar er later uithaalt is ze overleden.
Iedereen vraagt zich af hoe dit kon gebeuren. Rena van Straten vindt dat ze Frieda beter had moeten waarschuwen, Ben Abels vindt dat hij haar met de auto had moeten brengen en Baltus vindt dat hij de hekjes had moeten plaatsen. Op Frieda's begrafenis denkt Ben terug aan het gesprek met Hein Kessels, wie hij de dag tevoren tegen het lijf gelopen was. Deze legt alles uit; hij werd gevolgd door de Duitsers zonder dat zonder dat hij het door had, zelf is hij later ook opgepakt. Dit durfde hij nooit aan Frieda te vertellen.
Analyse en interpretatie
Titel, ondertitel en motto
De titel heeft een dubbele betekenis, als eerste natuurlijk de val van Frieda Borgstein in de put van de gemeentewerken. De tweede betekenis is de val van de Duitsers waar de familie op 21 april 1942 ingelopen is.
Dit boek heeft geen ondertitel.
Het motto is:
I imagine, sometimes, that if a film could be made of one's life, every other frame would be death. It goes so fast we're not aware of it. Destruction and resurrection in alternate beats of being, but speed makes it seem continuous. But you see, kid, with ordinary consciousness you can't even begin to know what's happening.
SAUL BELLOW (THE DEAN'S DECEMBER)
Volgens mij moet dit betekenen dat het niet mogelijk is om iemands leven te begrijpen en dat het toeval een grote rol kan spelen.
Genre
Het genre van dit boek is oorlogsnovelle, omdat er maar weinig tijd verloopt van het begin tot het eind (een aantal...
Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



