Diagnostische besluitvorming : handleiding bij het doorlopen van de diagnostische cyclus
E. E. J. De Bruyn ... [et al.]
Geplaatst door nnmlck op Dinsdag 05 november 2002
DE BRUYN 7: DIAGNOSESTELLING I, HET FORMULEREN VAN DIAGNOSTISCHE HYPOTHESEN
Verantwoording
Doel: aanleggen van een lijst van uiteenlopende potentiele verklaringen voor het probleem, afgaand op wat er wetenschappelijk bekend is over condities die het probleem kunnen doen ontstaan of in stand houden. Voorlopige beweringen over de veroorzaking van dit probleem bij deze client à algemene wetenschappelijke kennisIn wetenschappelijke literatuur systematisch nagaan wat er bekend is over de oorzaken van een probleem à minder kans dat er verklaringen over het hoofd worden gezien. Eclectisch te werk gaan: de keuze voor de theorie wordt bepaald door de relevantie voor het probleem en door de kwaliteit van het empirisch bewijs dat met die theorie is te leveren.
Expliciet aanleggen van een lijst van potentiele verklaringen. De lijst diagnostische hypothesen kan de controleerbaarheid van de gegevensverwerking vergroten, door hem als leidraad te gebruiken bij de opzet van het eigenlijk diagnostisch onderzoek: de lijst bepaald de grote lijn en de structuur van het onderzoek. Daarnaast kan hij fungeren als leidraad bij het evalueren van reeds verzamelde onderzoeksuitkomsten, bij het wegen van de afzonderlijke onderzoeksuitkomsten tegen elke afzonderlijke hypothese.
Begrippen
Diagnostische hypothese: wetenschappelijk gefundeerde bewering dat een conditie, of een combinatie van condities, een probleem met een bepaalde waarschijnlijkheid kan verklaren.Conditie
Conditie: verschijnsel dat volgens het wetenschappelijk kennisbestand verantwoordelijk wordt gesteld als oorzaak van een bepaald probleem.Drie soorten niet-theoriegebonden indelingen:
- Medische wetenschap
- functionele condities (bv onregelmatige hartslag)
- pathologische of structurele condities (bv maagperforatie)
- etiologische condities (bv erfelijke aanleg voor verkalkind vd bloedvatwanden)
- Gedragswetenschappen
- functionele condities (bv bv verstoorde cognitieve verwerking van visuele informatie)
- structurele condities (bv neurofysiologische afwijkingen in de cortex)
- genetische condities (bv erfelijke aanleg voor zwakbegaafdheid)
- Vroegere condities versus huidige condities
| Vroegere condities | Huidige condities | ||
| Extern (omgeving) | 1 | 2 | |
| Intern (organisme): | functioneel structureel genetisch |
3 5 7 |
4* 6 - |
| * Bijvoorbeeld: een slecht werkgeheugen | |||
Wat verstaan we onder ‘met een bepaalde waarschijnlijheid verklaren’?
Manieren van veroorzaking:- conditie is verantwoordelijk voor het ontstaan van het probleem (uitlokkend)
- conditie is verantwoordelijk voor het voortbestaan van het probleem (ondersteunend/in stand houdend)
‘Waarschijnlijkheid’ à niet deterministisch
Wetenschappelijk funderen
Wetenschappelijk empirische (onderzoeks)literatuur, theoretische literatuur, systematische casuistiek, gedocumenteerde en gestructureerd opgeslagen persoonlijke klinische ervaringskennis.Combinaties van condities
Zie matrix van verklarende condities.Methodologische voorwaarden aan een afzonderlijke diagnostische hypothese
Formele structuurDiagnostische hypothese:
- 1 of meer problemen, hier aangeduid als ‘clusters’ (van probleemgedragingen)
- 1 of meer condities
- een causale relatie tussen de eerste en tweede component. gespecificeerd naar het type uitlokkend, ondersteunend of beide.
Ontstaan en instandhouding moeten beide in een diagnostische hypothese zitten. Enkel ontstaan kan ook, maar enkel instandhouding kan niet.
Legitimiteit van verklaring in wetenschapstheoretische zin
Legitieme soorten verklaringen uit de gedragswetenschappen:
- Genetische verklaringen (genetische dyslexie)
- Evolutionaire verklaringen (betreffen tijdens de ontwikkeling van de soort optredende veranderingen in de genetische code voor bepaalde eigenschappen, zoals de erfelijke aanleg tot spreekvaardigheid)
- Ontwikkelingsverklaringen (binden een verschijnsel aan bepaalde stadia van psychologische of biologische ontwikkeling; Erikson, Piaget, Freud)
- Omgevingsverklaringen (micro stimuli alle zintuigelijk modaliteiten en op macro niveau allerlei situaties)
- Neurofysiologische verklaringen (anatomische en fysiologische condities)
- Gemengde verklaringen
- Teleologische verklaringen...
Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



