De aanslag
Mulisch, Harry
Geplaatst op Zondag 07 januari 2001
| · | Uitgeverij: Amsterdam, tiende druk 1983 (1982), de Bezige Bij. |
| · | Aantal paginas: 254 |
| · | Motto: Overal was het al dag, maar hier was het nacht, neen, meer dan nacht. |
| · | Ik heb voor dit boek gekozen, omdat ik er veel over gehoord had. Ook interesseer ik me heel erg voor verhalen die zich afspelen in de vaderlandse geschiedenis, met name de Tweede Wereldoorlog. |
| · | Het verhaal is ingedeeld in een proloog en vijf episodes: |
tweede episode - 1952
derde episode - 1957
vierde episode - 1966
laatste episode - 1981
Elke episode is opgedeeld in een aantal hoofdstukken, die geen titel hebben maar wel genummerd zijn.
| · | Vertelperspectief: Het boek is geschreven in de personele vertelsituatie. |
| Soms zijn er duidelijke dialogen en roept Anton herinneringen op. |
| · | Tijd: Het verhaal speelt zich af van 1945-1981. Het houdt zich redelijk goed tot de werkelijkheid. Het is chronologisch verteld. Af en toe komen er tijdsprongen en flash backs in voor. |
| · | Plaats: Haarlem en later Amsterdam. |
| · | Samenvatting van de Aanslag: |
Proloog:
Anton Steenwijk (12) woonde samen met zijn ouders en Peter (17) in Haarlem.
Ergens aan de rand van de stad stonden vier villas naast elkaar:
Welgelegen Buitenrust Nooitgedacht Rustenberg
Anton en zijn familie woonden in Buitenrust, links van hen woonden meneer en mevrouw Beumer en rechts van hun een oude weduwnaar, een zeeman, genaamd meneer Korteweg met zijn dochter Karin, die verpleegster was. Daarnaast woonde de familie Aarts, maar met hen had niemand contact.
Eerste episode:
In januari 1945 zat Anton nog s avonds met zijn familie een spelletje te doen. Plotseling hoorden ze zes schoten. NSBer Fake Ploeg, hoofdinspecteur van de politie, was doodgeschoten voor het huis van Korteweg. Meneer Korteweg en zijn dochter sleepten het lijk echter voor het huis van Steenwijk. Na een korte ruzie rende Peter Steenwijk naar buiten om het lijk te verplaatsen, maar dit lukte hem niet omdat de Duitsers er al aankwamen. Hij vluchtte met het pistool van Ploeg.
Even later onderzochten de Duitsers het huis van Steenwijk. Anton en zijn ouders werden uit huis weggehaald. Anton werd gescheiden van zijn ouders en werd in een auto gestopt. Vanuit deze auto zag hij dat de Duitsers zijn huis in brand staken. Wanhopig probeerde hij zijn ouders te zien, maar hij vond hen niet. Later hoorde hij schoten, waarvan wist hij zelf niet, maar er werden een paar gevangen geëxecuteerd.
In Heemstede werd Anton in een cel gestopt. Hier ontmoette hij een vrouw, die hem troostte en met hem spraak over licht en duister en de oorlog. Anton begreep er weinig van maar hij was blij dat ze op zon volwassen manier met hem sprak.
De volgende dag werd hij naar de Ortskommandantur in Haarlem gebracht. Daar vandaan zou hij naar Amsterdam worden gebracht met een konvooi. Onderweg werden ze door een Engels vliegtuig beschoten, waarbij zijn begeleider Schulzt, die goed voor hem gezorgd had, omkwam.
In Amsterdam kwam zijn oom Peter hem ophalen en daar trok hij bij in huis.
Tweede episode:
Anton werd opgevoed door zijn oom en tante in een mooie wijk in Amsterdam. Pas na vijf maanden kwam Anton erachter dat zijn ouders en zijn broer in de nacht van de aanslag dood waren geschoten.
Na het gymnasium ging Anton medicijnen studeren. Toen hij in het tweede jaar (1952) zat ging hij voor het eerst terug naar Haarlem omdat hij uitgenodigd was voor een feestje door een vriend. Iets aan de late kant kwam hij op het feestje aan, waar de mensen al aardig aangeschoten waren. Zij praatten op een nogal vervelende manier over de oorlog in Korea. Anton had geen zijn om aan zon discussie mee te doen en besloot een ommetje te maken. Zo kwam hij in de straat, waar vroeger zijn huis, Buitenrust had gestaan. Op de plaats waar zijn huis vroeger had gestaan was het nu een veldje vol rotzooi en onkruid. Toen mevrouw Breumer hem zag nodigde ze hem uit om binnen te komen. Haar man was dement geworden. Hij hoorde van haar dat de Kortewegs verhuisd waren en dat er vlakbij een monument was opgericht. Omdat het gesprek op een gegeven moment een wat nare onbedoelde ondertoon kreeg besloot Anton op te stappen en ging hij bij het monument kijken. De namen van zijn ouders zag hij er opstaan, maar die van zijn broer Peter niet.
Derde episode:
Na zijn kandidaatsexamen ging Anton op kamers in Amsterdam wonen. Hij had zich gespecialiseerd in anesthesie.
Anton woonde tegenover het hoofdbureau van de CPN. Toen in 1956 de Russen Hongarije binnenvielen braken er in Amsterdam massale rellen uit tegen alles wat communistisch was. Tijdens een relletje ontmoette Anton bij toeval Fake Ploeg junior, de zoon van de vermoorde Ploeg en Fake had bij Anton in de klas gezeten. Uit beleefdheid nodigde Anton hem bij hem op zijn kamer. Fake vertelde hem dat hij nu in Den Helder woonde en speciaal naar Amsterdam was gekomen om stenen te werpen.
Langzaam kwamen ze toch op het onderwerp de aanslag. Fake verdedigde zijn vader en zei dat het de schuld was van de communisten, die toen ook al niet wilden luisteren, dat zijn ouders als vermoord waren. Anton probeerde Fake wijs te maken dat zijn vader wel fout was en dat hij ook medeschuldig was aan zijn ouders dood. Kwaad gooide Fake een kei tegen Antons spiegel en ging weg. Opdat moment ontplofte Antons kachel ook nog, die de hele tijd dat Fake er was al raar deed, maar waaraan Anton geen aandacht had kunnen besteden. Later kwam Fake nog even terug om Anton te bedanken voor die keer op school dat hij hem geholpen had.
Vierde episode:
Anton ging als anesthesist bij het...
Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



