De val
Minco, Marga
Geplaatst op Dinsdag 19 maart 2002
samenvatting
Het boek verhaalt over Frieda Borgstein. In het begin van het boek was ze gauw jarig en omdat ze al in geen veertig jaar haar verjaardag had gevierd, vond ze het leuk om haar vijfentachtigste verjaardag wel te gaan vieren.
Ze had het plan al voorgesteld aan Rena van Straten, de directrice. Deze was verbaasd, maar vond het wel een goed idee.
Ze zou op die dag gebak gaan halen voor haar verjaardag. Het stormde buiten erg, maar Frieda was vastbesloten te gaan. Toen ze een stukje van het bejaardentehuis verwijderd was, zag ze een auto van gemeentewerken. Ze kwam dichterbij en zag de grondverwarmingsput. Frieda dacht dat ze nog gemakkelijk langs de put zou kunnen lopen, maar de wind onderschepte haar en ze viel in de put. Verstrijen, de gemeentewerker, was op dat moment even weg zijn maat Baltus op te halen, die aardig lang op het toilet bleef.
Onderweg hoorde hij een zwakke kreet uit de richting van de put. Verstrijen, overtuigd dat het geluid uit de put kwam, rende terug en probeerde Frieda nog te redden. Maar het had al geen zin meer. Frieda Borgman was overleden. In het boek lopen eigenlijk twee perspektieven door elkaar. Het verhaal begint met twee mannen die voor de gemeente werken. Ze zijn al vroeg op pad in een Volkswagenbus (donderdag). De ene man heet Baltus en de andere Verstrijen. Ze stoppen bij een soort café‚ dat "de salamander" heet. Carla werkt daar. Ze drinken een kop koffie als een jongen van de stadspost binnen komt, hij vraagt of hij mee kan rijden naar de Uiterwaardenstraat. Hij was zelf op de brommer en het was nogal koud. Dan springt het verhaal over naar Frieda Borgstein, een oude vrouw in een bejaardentehuis. Ze...
Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



