Titaantjes : vroege versie
Nescio
Geplaatst op Woensdag 08 januari 2003
Boekbeschrijving
Auteur: Nescio (J.H.F Grönloh)1e Druk: 1933
Indeling: 13 Romeins genummerde hoofdstukken in 29 bladzijden.
Motto: geen motto aanwezig in dit boek.
Genre: Het idealistische denken in je jonge jaren.
Soort boek: Novelle
Samenvatting
De ik verteller van Titaantjes brengt ons binnen in een vriendenkring, deze bestaat uit Bavink, Koekebakker, Hoyer, Bekker en Kees Ploeger. Ze komen bij elkaar op de zolder van Kees en uiten hun kritiek op alles en iedereen. Ondanks hun verheven idealen doen ze niet veel anders dan lange wandelingen maken, staren naar de ondergaande zon en dromen over die idealen. Ze kijken neer op de ‘gewichtige heren’, overwegen even om ‘socialen’ te worden, maar na een vruchteloos bezoek aan de kolonie van Van Eeden laten ze dat plan varen. Na een sollicitatiegesprek staat Koekebakker achter op de tram en raakt hij gefascineerd door de zon. Jaren later terug in Nederland staat Koekebakkker in Rhenen op de brug en beseft hij dat hij en zijn vrienden hun idealen niet gerealiseerd hebben. Zijn bezoek aan de oude vrienden in Amsterdam verloopt teleurstellend: de jongens zijn inmiddels nette burgerlieden, behalve Bavink, die in een inrichting voor zenuwpatiënten is opgenomen. En Koekebakker zelf? Die is een wijs en bedaard man geworden.Thematiek
Onderwerp:
In het verhaal komen steeds de gedachten en visies van de hoofdpersoon op het leven terug. De hoofdpersoon probeert het leven te begrijpen maar dit lukt hem slecht. Het laatste woord van het verhaal is dan ook: “Waarom?"Sfeer:
In dit boek wordt er veel beschreven aan de hand van de natuur. De zon en het water spelen hier een belangrijke rol in en daarom krijg je een mooi geschetst beeld hiervan.Motief:
De ongelijkheid in de maatschappij aan het licht brengen, en laten zien dat er mensen zijn die proberen hier iets aan te veranderen maar het vaak niet lukt.Thema:
De behoefte om alles te gaan veranderen, dit loopt echter vaak slecht af en het heeft weinig zin.Analyse
Titelverklaring:
"Titaantjes" betekent hemelbestormers en/of reuzen en dit slaat op de groep van vijf, die de hele wereld wilden veranderen met hun filosofieën maar aan het eind toch normale burgers zijn geworden.Toepassing motto op werk:
Geen motto aanwezig.Personages:
Koekebakker: De ik persoon in het verhaal, hij is rustig en bedaard aan het einde van het verhaal. Hij heeft alle gekte aan zich voor bij laten gaan. Hij is nu een journalist en ontvangt rustig zijn loon.Bavink: Bavink is doorgedraaid, hij wil van alles schilderen maar het zit enkel in zijn kop en het komt niet op papier. Hij beland in een gesticht voor zenuwgestoorde en flopt als schilder.
Hoyer: Heeft het het verste geschopt van allemaal, hij is het rijkste. Hij woont in huis bij een rijke weduwe en is lid van de S.D.A.P., hij is een zeer succesvolle schilder geworden.
Bekker: Bekker is kantoorklerk geworden nadat zijn eigen bedrijf failliet was gegaan.
Kees Ploeger: Ploeger werkt nu voor de gemeente als muntjes verwijderaar uit de muntmeters. Deze wisselt hij in en kan net rond komen van zijn armoedige loontje.
Perspectief:
Het verhaal wordt gezien door de ogen van Koekebakker, je volgt het denken van hem en de verwondering van wat iedereen geworden is. Dit wordt afgewisseld met kleine momenten van een alwetende verteller.Vertelde tijd:
Er wordt verteld over wat de personen in kwestie geworden zijn, hierdoor is slecht op te maken hoelang dit duurt. Het is in ieder geval een paar jaar omdat er eentje de tijd heeft gehad om een eigen bedrijf op te zetten en weer failliet te laten gaan.Chronologisch:
Ja.Tijdsprongen:
Ja, Flashbacks naar de tijd dat ze aan de waterkant zaten en de koeien hoorden loeien.Ruimte:
Het verhaal begint in Amsterdam, en waar de afzonderlijke individuen eindigen is onduidelijk. De omgeving wordt vaak uitvoerig beschreven met behulp van de zon, schaduw en het water.Beoordeling
Praktische argumenten: Het boek is geschreven voor mensen in vergelijkbare posities als de ik persoon. De ongelijkheid in de maatschappij, dat is tegenwoordig ook nog zo. Waarom krijgt de een meer dan de ander terwijl ze hetzelfde doen, of zelfs meer?Emotionele argumenten: Je begrijpt goed wat de schrijver bedoelt met dingen die hij zegt want het is allemaal goed beschreven en je kunt je er dingen bij voorstellen.
Argumenten m.b.t. de werkelijkheid: Dit verhaal bevat waarschijnlijk heel veel autobiografische elementen, het kan dus allemaal werkelijkheid zijn.
Argumenten m.b.t. de vorm: Je leeft met iemand mee door de tijd, dus chronologisch. Er worden af en toe wel dingen weggelaten of teruggehaald.
Argumenten m.b.t. de leerzaamheid: Je leert hiervan dat het niet altijd zin heeft om je idealen uit je jeugd door te drijven. Sommige redden het met deze idealen maar de meeste vervallen in het patroon van de hedendaagse maatschappij.
Informatie over boek en schrijver
Wie zich verborgen hield achter het pseudoniem ‘Nescio’ (Latijn voor: ‘Ik weet het niet’) is jarenlang een mysterie geweest. Deze Nescio publiceerde in 1911 een verhaal met de titel ‘De uitvreter’ in het eerbiedwaardige en nu nog bestaande tijdschrift De Gids. Het verhaal werd met twee andere novellen in 1918 gebundeld in het boek Dichtertje – De uitvreter – Titaantjes; de schrijver noemde zich opnieuw ‘Nescio’. De recensenten maakten er grapjes over: ‘de schrijver die zelfs zijn eigen naam niet weet’ en speculeerden over de man achter de schuilnaam: ‘Men zegt, dat hij kantoorbediende is, en ik geloof, dat hij een rustig, nauwgezet kantoorbediende is.’ Uitgever De Bois, een Haarlemse kunsthandelaar, hield het geheim op verzoek van de schrijver zorgvuldig intact (met als gevolg dat hij zèlf door sommigen voor de auteur werd aangezien), en ook alle andere betrokkenen zwegen jarenlang. Totdat in 1929 een bekend handboek de mededeling bevatte, dat ene Nico Eissenloeffel Nescio’s Dichtertje geschreven had, en dàt werd de werkelijke schrijver toch te gortig. Zijn...Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



