Alles op de fiets
Kopland, Rutger
Geplaatst op Donderdag 30 augustus 2001
Vooraf
De titel van de dichtbundel is “Alles op de fiets” en is geschreven door Rutger Kopland. Het schrijverjaar van eerste uitgave is december 1966 en de betreffende bundel is gedrukt in 1992.
Rutger Kopland is het pseudoniem van de psychiater dr. R.H. van den Hoofdakker. Hij is geboren in 1934, te Goor en woont nu in Glimmen, Drenthe. Hij werkt als hoogleraar psychiatrie aan de universiteit in Groningen.
Zijn debuut was “Onder het vee” (1966, poëzie). Recente werken van hem zijn:
- Tot het ons loslaat (1997, poëzie)
- Jonge sla in het oosten (1997, dagboek)
- Mooi, maar dat is het woord niet (1998, essay, gesprekken)
- Gedichten (1999, gedichten).
- Geluk is gevaarlijk (1999, gedichten)
Andere bundels van Rutger Kopland:
- Het orgeltje van yesterday
- Wie wat vindt heeft slecht gezocht
- Een lege plek om te blijven
- Al die mooie beloften
- Dit uitzicht
- Voor het verdwijnt en daarna
- Dankzij de dingen
De bundel telt 43 bladzijden en 33 gedichten. De bundel is niet in afdelingen verdeeld en de gedichten hebben titels. Er staan over het algemeen korte gedichten in.
Analyse van 5 gedichten uit de bundel
1. Jonge sla (pagina 40)
Alles kan ik verdragen,
het verdorren van bonen,
stervende bloemen, het hoekje
aardappelen kan ik met droge ogen
zien rooien, daar ben ik
werkelijk hard in.
Maar jonge sla in september,
net geplant, slap nog,
in vochtige bedjes, nee.
- Eerste persoonlijke interpretatie: De ikpersoon wordt geraakt door simpele dingen, zoals het verdorren van bonen, het sterven van bloemen enz.
- De strofebouw: 3 terzinen. In dit gedicht komt geen rijm voor. Volgens mij is dit een trochee.
- Dit is een duidelijk voorbeeld van een ironisch gedicht. Hij drijft de spot met de ikfiguur door in de laatste terzine het tegenovergestelde te zeggen en het daarna nog eens te overdrijven. Er komt ook personificatie in voor: verdorren van bonen, stervende bloemen.
- Na deze analyse en verklaringen is mijn eigen interpretatie nog houdbaar.
Het thema van het gedicht sprak me wel aan, vaak denk je te veel na over kleine dingen die gebeuren, wat meestal niet nodig is. Ik vind het thema nog wel van deze tijd, het is in ieder geval niet ouderwets. Ik vind het taalgebruik en de beeldspraak erg origineel, ik was er zelf niet op gekomen. Ik vind het gedicht eerst een beetje droevig maar de laatste terzine maakt er een ironisch gedicht van.
2. Johnson Brothers LTD (pagina 8)
Vroeger toen mijn vader nog groot was,
in de uitpuilende zakken van zijn jas
gevaarlijk gereedschap, in zijn pakken
de geuren van geplozen touw en lood,
achter zijn ogen de onbegrijpelijke wereld
van een man, een gasfitter eerste klas
zei moeder, hoe anders heb ik mij moeten
voelen vroeger toen hij de deuren sloot
voor haar en mij.
Nu is hij dood, ben ik ineens zo oud als
hij, blijkt tot mijn verbazing dat ook in hem
verval was ingebouwd. In zijn agenda zie ik
afspraken met onbekenden, aan zijn muur
kalenders met labyrinthen van gasleidingen,
op de schoorsteenmantel het portret van
een vrouw in Parijs, zijn vrouw, de onbegrijpelijke
wereld van een man.
Kijkend in het porseleinen fonteintje uit
de dertiger jaren met de twee lullige leeuwen:
Johnson Brothers Ltd, hoog in het dood-
stille huis het droevige sloffen van moeder,
jezus christus vader, komen de tranen
om nu en om toen, vloeien ze...
Reacties
Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



